Εμφάνιση αναρτήσεων με ετικέτα SLAUERHOFF (JAN JACOB). Εμφάνιση όλων των αναρτήσεων
Εμφάνιση αναρτήσεων με ετικέτα SLAUERHOFF (JAN JACOB). Εμφάνιση όλων των αναρτήσεων

Σάββατο 14 Ιουνίου 2014

ΓΙΑΝ ΓΙΑΚΟΠ ΣΛΑΟΥΕΡΧΟΦ





JAN JACOB SLAUERHOFF (1898-1936)


De zee

De zee, het enige leven dat strekt
Van begin tot einde
- Terwijl alle andre, voor kort gewekt,
Gedwee en weerloos verdwijnen -
Geeft in eeuwige breking
De grote, zachte verzekering
Dat, wanneer allen versterven, verstijven,
Zij bevallig zal blijven.

En als ik ga gehaast,
Genaderd en genaast
Door de jagende dood,
Hoor ik de troost
Van 't eendre golfgeruis,
Dat is als het vermengd gejuich
Van al haar schipbreuklingen, al haar meeuwen,
Aanbreken over de eeuwen,
Die mij verzwijgen en verteren.

Zij heeft geen andre vormen
Dan de borsten van haar golven,
En geen andre woorden dan de volle
Koren van haar branding en haar stormen.
Maar sidderend belijdt
Elk leven, hoe verfijnd
En schoon 't in 't licht verschijnt,
De wankele kortstondigheid
Van zijn bekoorlijkheid
Voor de geweldige eentonigheid van 't grootse
En de onsterflijke lieflijkheid van 't doodse.



Το υλικό της ανάρτησης μας το έστειλε ο εικονιζόμενος φίλος του ιστολογίου κ. Arjen Robben αμέσως μετά το τέλος του αγώνα Ισπανίας - Ολλανδίας 1-5.




Δευτέρα 28 Ιουνίου 2010

ΟΛΛΑΝΔΙΑ!




*********************




JAN JACOB SLAUERHOFF



ONDER HET ZONNEZEIL


Onder het zonnezeil, verrukt door den wind,
Zit ik gelukkig.
’t Noodlot is nukkig,
Maar er blijft niets meer dat me aan ’t leven bindt.
De vrouwen, vroeger voor eeuwig bemind,
Liet ik gelukkig
Vroegtijdig achter zonder kind.
Ik heb genoeg aan de natuur,
Altijd grootmoedig,
En aan de stille of stormende oceaan,
Eindloos voorspoedig.
Een vluchtig avontuur
Houdt me even opgetogen:
Meeuw, door een golf bewogen,
Veilig bevleugeld, toebehoorend aan
’t Onmeetlijk, onuitputtelijk azuur.


*********************






Το υλικό της ανάρτησης μάς το έστειλε ο καλός μας φίλος Arjen Robben.

Τετάρτη 4 Φεβρουαρίου 2009

ΣΛΑΟΥΕΡΧΟΦ!




JAN JACOB SLAUERHOFF (1898-1936)


VOORGEVOEL

't Is mij te moede als werd ik weer een kind
Dat nog niet spreken kan, begint te staamlen,
Dat vindt van moeder, menschen, dieren, wind
De stemmen even vreemd en eensgezind,
En door elkaar de klanken gaat verzaamlen.

Hoe heerlijk, nog te weten van geen woorden
Die zinnen worden en die weer gesprekken,
Bijvoorbeeld denken: een groen bosch heet Noorden,
Iets anders groots en groens heet zee, en moorden
Zijn zwarte dingen die men moet ontdekken.

De woorden hebben klank en kleur en glans,
Zij komen op en willen gaan bewegen;
Vaak is een stroef, een ander norsch, verlegen,
Maar als ik fluister dat ik nog niet regen
Van rag kan onderscheiden, zien zij kans
Op liedren die lang hebben stilgelegen,
Bijna verstandig waren doodgezwegen.



Το υλικό της ανάρτησης μάς το έστειλε η εικονιζόμενη φίλη του ιστολογίου κ. Ines Sastre.

Δευτέρα 16 Ιουνίου 2008

ΣΛΑΟΥΕΡΧΟΦ!


JAN JACOB SLAUERHOFF (1898-1936)


DE ONTDEKKER


Hij had het land waarvoor hij scheepging lief,
Lief, als een vrouw 't verborgen komende.
Er diep aan denkend stond hij droomende
Voor op de plecht en als de boeg zich hief
Was 't hem te moede of 't zich reeds bewoog
Onder de verten, waarin 't sluimerde,
Terwijl 't schip, door de waterscheiding schuimende,
Op de aanbrekende geboort' toevloog.

Maar toen het lag ontdekt, leek het verraad.
Geen stille onzichtbare streng verbond hen tweeën.
Hij wilde 't weer verheimlijken - te laat:
Het lag voor allen bloot. Hem bleef geen raad
Dan voort te varen, doelloos, desolaat.
En zonder drift - leeg, over leege zeeën.


***********************


DER ENTDECKER


Bereits bevor er fuhr, war ihm das Land
so lieb wie einer Frau das Ungeborene,
er hegte in Gedanken das Verborgene;
und hob der Bug sich überm Wellengang,
war ihm, als hätte es sich schon bewegt
unter den Fernen, wo es heimlich träumte,
während das Schiff, das durch die Dünung schäumte,
dem Aufschrei der Geburt entgegenschwebt’.

Einmal entdeckt jedoch, war’s wie Verrat;
kein unsichtbarer Strang verband die beiden.
Er wollte es verheimlichen - zu spät:
es lag für alle bloss. Ihm blieb kein Rat
als fortzufahren, ziellos, desolat,
und ohne Trieb - leer, über leere Weiten.



Τίτλος του ολλανδικού πρωτοτύπου: De ontdekker.
Μετάφραση στα γερμανικά: Ard Posthuma.